Accreditatie en certificering
Accreditatie gaat verder dan certificering. Het verschil is als volgt:- Accreditatie is een procedure waardoor een gezaghebbend orgaan formeel kenbaar maakt dat een instelling of persoon competent is om specifieke taken uit te voeren.
- Certificatie is een procedure waardoor een onafhankelijke instelling schriftelijk verklaart dat een product, proces of dienst voldoet aan gespecificeerde eisen.
Bij accreditatie wordt een volledig werkproces getoetst. Bij certificering wordt alleen de dienst (of het product) zelf getoetst en niet de manier waarop dat tot stand komt.
|
Audit
Een audit is een systematisch en onafhankelijk onderzoek om te bepalen of de kwaliteitsactiviteiten en de resultaten hiervan overeenkomen met vastgelegde regelingen en of deze laatsten doeltreffend ten uitvoer zijn gebracht, alsmede geschikt zijn voor het bereiken van de doelstellingen.
|
|
Pijlers van kwaliteitssysteem
De belangrijkste organisatorische elementen voor een kwaliteitssysteem zijn:
- de personele organisatie;
- de procedures en werkvoorschriften;
- de vastlegging van gegevens;
- de voorzieningen;
- de beheersing van de toegeleverde goederen en diensten;
- de beheersing van keurings-, meet- en onderzoeksmiddelen;
- de analyse van de monsters, zowel het voor- als natraject;
- de documentatiebeheersing;
- de beoordeling van het kwaliteitssysteem;
- en de behandeling van klachten en afwijkingen.
Maar er is meer. Een kwaliteitssysteem bestaat ook uit
kwaliteitsactiviteiten. Deze activiteiten richten zich op het onderhouden en
instandhouden van het kwaliteitssysteem. Zo is het bijvoorbeeld goed om
regelmatig te controleren of er in bepaalde situaties nog volgens de juiste
procedures wordt gewerkt. Voor geaccrediteerde laboratoria stelt CCKL de eis dat
zo'n controle periodiek door een onafhankelijke instantie wordt uitgevoerd. Om
dit alles goed in te bedden in de organisatie is beleid noodzakelijk.
De drie pijlers van een kwaliteitssysteem zijn de organisatie (het
bedrijfsvoeringsysteem), de competentie (van de beroepsbeoefenaren en het
uitvoerend personeel) en de laboratoriumverrichtingen (de technische en
analytische competentie).
|